Hogescholen en universiteiten moeten hun IT-opleidingen herzien

Dankzij AI kan iedereen programmeren: zal de juniorontwikkelaar verdwijnen? Het traditionele leertraject wordt op zijn kop gezet. Voor Eva Monsaert van Inetum is de cruciale vraag: hoe kunnen we de seniorontwikkelaars van morgen opleiden als de basisfuncties verdwijnen?

“Volgende week een nieuw softwareplatform? Geen probleem.” Met enkele AI-tools bouwt vandaag bijna iedereen websites, apps of software, vaak zonder klassieke programmeerkennis. Daardoor staat de traditionele rol van softwareontwikkelaars onder druk. Zeker juniorprofielen voelen die druk nu AI-modellen zoals Lovable of Anthropic’s Opus 4.7. steeds meer repetitieve instaptaken overnemen. Toch zal de developer niet verdwijnen, enkel het klassieke beeld van de job verandert. Minder puur coderen, meer aansturen, controleren en structureren. Precies daarom moeten bedrijven en het onderwijs samen herdenken hoe ze de volgende generatie softwareprofielen opleiden.

„Toch zal de ontwikkelaar niet verdwijnen, verzekert Eva Monsaert, HR-directeur bij Inetum Belgium. Het is vooral het traditionele beeld van het beroep dat verandert. Minder pure code, meer sturing, controle en structurering. Juist daarom moeten bedrijven en het onderwijs samen nadenken over de manier waarop de volgende generatie gespecialiseerde softwareprofessionals moet worden opgeleid.”

De verschuiving is inmiddels de dagelijkse praktijk binnen softwareontwikkeling. Waar IT-afdelingen vroeger een team developers nodig hadden om een eenvoudige applicatie of nieuwe functionaliteit te bouwen, volstaat vandaag vaak een duidelijke prompt om een eerste basisversie te genereren. AI-tools richten in enkele minuten een dashboard in of zetten een webshop op. Voor beginnende softwareontwikkelaars is dat een begrijpelijke bezorgdheid. Bedrijven vragen zich immers af waarom zij nog moeten investeren in juniorprofielen voor repetitief werk dat technologie sneller en goedkoper kan uitvoeren.

Nu AI instaptaken zoals het oplossen van bugs, het schrijven van basisscripts of het uitbreiden van bestaande code overneemt, raakt het klassieke leerpad verstoord. De cruciale vraag is hoe we de senior developers van de toekomst opleiden als de traditionele instapfuncties verdwijnen. Als bedrijven stoppen met het aannemen van junioren omdat AI het ‘simpele’ werk doet, ontstaat over enkele jaren een onoverkomelijk tekort aan senioren die complexe architecturen kunnen overzien.

Van pure code naar architectuur

Het antwoord ligt in het omdraaien van het leermodel. Junioren zullen niet langer inzicht krijgen in softwarearchitectuur door te programmeren. Ze moeten vanaf de start van hun loopbaan leren denken op het niveau van de architectuur en de business-context. De focus verschuift van pure code schrijven naar het kritisch aansturen en controleren van AI-modellen.

Ik zie die verschuiving nu al. Starters krijgen in hun eerste week al de uitdaging voorgeschoteld om ingewikkelde systemen vanaf nul op te zetten, zoals intelligente tools die consultants ondersteunen bij complexe tenders. Het schrijven van de code blijkt in de praktijk vaak het eenvoudigste deel; de echte beproeving voor de nieuwe generatie ligt in het vertalen van de business-logica naar een bruikbaar systeem. AI functioneert hierbij als een versneller voor de eerste opzet, maar de menselijke logica bepaalt het eindresultaat.

Junior developers kennen hierdoor een andere leercurve, waarbij ze sneller ruimte krijgen voor autonomie en beslissingsbevoegdheid, bijvoorbeeld binnen hr- of performancetoepassingen. Zo zien we dat junioren veel sneller groeien in eigenaarschap en strategisch inzicht. Ze leren sneller beslissingen valideren, simpelweg omdat de technologie de uitvoerende ruis wegneemt.

De grens van automatisering

Hoe krachtig AI-tools ook worden, complexe IT-omgevingen blijven dus menselijke expertise vereisen. Bij omvangrijke ERP- of CRM-projecten, of maatschappelijke toepassingen zoals de integratie van AI-agenten in de zorgsector, volstaat het niet om losse code-elementen te genereren. Nieuwe toepassingen moeten naadloos integreren met bestaande legacy-systemen, lokaal en veilig kunnen functioneren, en voldoen aan strikte compliance-richtlijnen.

Het technische aspect is telkens slechts het startpunt. De werkelijke complexiteit zit in de menselijke factor: begrijpen gebruikers het systeem, voelen ze zich er comfortabel bij en is de dataveiligheid gegarandeerd? AI overziet die infrastructurele en menselijke context niet en garandeert geen onderhoudbaarheid op de lange termijn. Daar blijven specialisten voor nodig die risico’s inschatten en de functionele kaders bewaken.

AI-geletterdheid is de nieuwe ondergrens voor elk IT-profiel, terwijl menselijke vaardigheden zoals analytisch denken, sterke communicatie en het doorgronden van bedrijfsprocessen de nieuwe premium skills worden.

Aanpassing voor scholen en bedrijven

Europa, en België in het bijzonder, heeft een sterke positie in IT-dienstverlening. Hoewel de grote AI-modellen elders worden ontwikkeld, moeten wij uitblinken in de toepassing ervan. Dat vereist dat we vandaag durven ingrijpen. Hogescholen en universiteiten moeten hun IT-curricula herzien en de focus verschuiven van louter syntax programmeren naar systeemarchitectuur en prompt engineering.

Tegelijkertijd ligt de bal bij de bedrijven zelf. Wie vandaag de deur sluit voor junioren omdat AI het ‘simpele’ werk sneller doet, lost een kortetermijnprobleem op, maar organiseert zijn eigen toekomstige tekort aan senior expertise. Natuurlijk is de capaciteit en het budget voor intensieve begeleiding in elk bedrijf beperkt, ook bij ons is dat de realiteit. Niemand heeft de heilige graal in handen. Maar als elk IT-bedrijf zijn verantwoordelijkheid neemt en bewust ruimte blijft maken voor starters, houden we de sector gezond.